NWEA: windmolens op land voor 50 procent openstellen voor de omgeving

De NWEA wil nieuwe windprojecten op land voor 50 procent openstellen voor participatie door de omgeving, door burgers en bedrijven. De inzet van windenergie versterkt volgens de koepelorganisatie de economie, vermindert de afhankelijkheid van energie uit het buitenland en zorgt ervoor dat de afspraken in het Klimaatakkoord van Parijs kunnen worden nagekomen.

De ambitie van de windsector is om in 2030 circa 500 Petajoule per jaar (red. circa 16 procent van de huidige energievraag, bron CBS 2015) aan windenergie op te wekken en dit te verdubbelen in 2050. De windsector gaat ervoor zorgen dat door technische en maatschappelijke innovatie de kostprijs van windenergie in 2025 verder is gedaald.

Voor windenergie op land wil de NWEA samen met Rijk, provincies en gemeenten:

  • De voordelen van windenergie nog meer delen met Nederland. Windenergie moet met de omgeving worden ontwikkeld. Daarom, indien gewenst door de omgeving, nieuwe windprojecten op land voor 50 procent openstellen voor participatie door de omgeving, door burgers en bedrijven.
  • De aanpak steunen via regionale energiestrategieën. Dat geeft ruimte voor initiatieven met steun van onderop. Het voorstel is om ook de financiële verantwoordelijkheid in de regio neer te leggen.
  • Voor windenergie op zee de groei versnellen naar 1 à 2 gigawatt per jaar tussen 2020 en 2030. De ontwikkeling hiervan wil NWEA samen met alle belanghebbenden op de Noordzee oppakken.

Deze ambities zijn volgens de NWEA haalbaar als de overheid voldoende continuïteit en investeringszekerheid biedt. ‘Daarom vragen wij het nieuwe Kabinet om doelstellingen voor de lange termijn voor de opwekking van duurzame energie op te stellen en deze te koppelen aan concrete tussendoelstellingen en hierop actief te monitoren’, aldus de NWEA.