SDE+ 2019: 2 miljard euro minder budget, ook subsidie voor kleinere windturbines

In 2019 is er binnen de SDE+-regeling 10 miljard euro beschikbaar. Dat is 2 miljard euro minder dan in 2018. Voor windenergie op land is de subsidiehoogte (red. de basisbedragen) nagenoeg ongewijzigd ten opzichte van 2018.

De SDE+ staat ook in 2019 open voor projecten voor wind op land, wind op primaire waterkeringen en wind in meer. De definitie van wind op primaire waterkeringen wordt uitgebreid met de harde of zachte zeewering van de Tweede Maasvlakte. Volgens minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat is gebleken dat de meerkosten van windturbines op deze locatie deze toevoeging rechtvaardigt.

Windsnelheden fijnmaziger
Wiebes schrijft verder het volgende in zijn Kamerbrief over wind op land. ‘In sommige gebieden waait het harder waardoor er meer elektriciteit kan worden opgewerkt. Dit resulteert in een lagere kostprijs per kilowattuur en daarmee een lagere benodigde subsidie. In 2018 werden 4 verschillende categorieën met windsnelheden onderscheiden. Uit berekeningen blijkt dat de categorie windsnelheden lager dan 7,0 meter per seconde te grofmazig was. Daarom is er voor gekozen om deze categorie op te splitsen in een snelheid van 6,75 tot 7,0 meter per seconde en een windsnelheid lager dan 6,75 meter per seconde. Voor 2019 worden daarmee 5 verschillende categorieën voor windsnelheden opengesteld.’

Kleine turbines
‘Voor de bestaande wind op land categorieën in de SDE+ komen naast de standaard, grotere windturbines (ashoogte van minimaal 100 meter) ook kleinere turbines (<60 meter) in aanmerking voor subsidie’, vervolgt Wiebes. ‘Het kabinet is voornemens burgerinitiatief waar mogelijk meer ruimte te geven. Dit is ook nadrukkelijk onderwerp bij de besprekingen over het Klimaatakkoord. Burgerinitiatieven, zoals gebundeld in initiatieven van energiecoöperaties, kunnen in elk geval tot 2020 gebruikmaken van de Postcoderoosregeling. Daarna zal in samenhang met de opvolger van de salderingsregeling uitgewerkt worden hoe burgerinitiatieven te blijven stimuleren.’

Nadat de basisbedragen in 2018 flink zijn gedaald ten opzichte van het jaar daarvoor is er voor 2019 een beperkte wijziging ten opzichte van 2018 te zien. Dit is volgens de minister het gevolg van een samenspel van kleine wijzigingen in de parameters die ten grondslag liggen aan de berekening. (foto: Nordex)

Wind (meter per seconde, m/s)

Basisbedrag (euro per kilowattuur)

Voorlopig correctiebedrag 2019 (euro per kilowattuur)

Wind op land

  • ≥ 8,0 m/s
  • ≥ 7,5 en < 8,0 m/s
  • ≥ 7,0 en < 7,5 m/s
  • ≥ 6,75 en < 7,0 m/s
  • < 6,75 m/s

Wind op land

  • 0,054
  • 0,058
  • 0,064
  • 0,067
  • 0,071

Wind op land

  • 0,039
  • 0,039
  • 0,039
  • 0,039
  • 0,039

Wind op waterkering

  • ≥ 8,0  m/s
  • ≥ 7,5 en < 8,0 m/s
  • ≥ 7,0 en < 7,5 m/s
  • ≥ 6,75 en < 7,0 m/s
  • < 6,75 m/s

Wind op waterkering

  • 0,059
  • 0,064
  • 0,070
  • 0,073
  • 0,078

Wind op waterkering

  • 0,039
  • 0,039
  • 0,039
  • 0,039
  • 0,039

Wind in meer

  • ​≥ 1 vierkante kilometer

Wind in meer

  • 0,086

Wind in meer

  • 0,039

Ontvang de nieuwsbrief van Windenergie Courant!